Vorig jaar ontvingen mijn collega Rita en ik tijdens de laatste les voor de kerstvakantie een humanistisch raadsman die in een gevangenis werkt, en een heilssoldaat (in vol ornaat)! Uitgangspunt was de vraag hoe mensen in bijzondere omstandigheden - gedetineerden en daklozen - de kerstdagen beleven en in hoeverre hulpverleners juist dán iets voor hen kunnen betekenen.
'Hij heeft grijs haar en een moeilijk geloof'
Maar, wat doen we nu dit jaar voor kerstmis?
De leerlingen zijn overactief de laatste weken. In de lessen gaat het over verwondering en verder kijken dan je neus lang is. Ze hebben wel allemaal hun zelfgemaakte gekleurde brilletje op maar ik krijg ze moeilijk uit hun eigen patroon. Ik gun ze een rustmoment en een blik in een totaal andere wereld. Ik wil ze laten kennismaken met een diepgewortelde religieuze traditie, die voor moderne mensen in dit ‘elektronisch’ tijdperk nog betekenis heeft.
Van elektronica naar Japan is maar een kleine stap.
Van een Japanse basisschool in Amsterdam krijg ik het telefoonnummer van de heer Paul de Leeuw. Hij is de enige Shintomeester in Nederland en hij wil naar Maarn komen om een gastles te geven. Om vraag en aanbod goed op elkaar af te stemmen hebben we een aantal keren contact en ik kom het volgende te weten:
Shinto, de weg van de Kami, is de oorspronkelijke religie van Japan. Of beter gezegd, een levenshouding gericht op een harmonische relatie met de natuur. Dat moet kinderen aanspreken, naar mijn idee. Ze leven dagelijks met de natuur in hun omgeving of juist het ontbreken daarvan, en zorg voor de natuur is een regelmatig terugkerend thema in de lessen.
Kami wordt vertaald als bezielde energiebronnen in de natuur. De zon is de belangrijkste Kami. De zon is buiten ons maar ook in ons. Zo kan een mens een Kami zijn.
Ter illustratie stuurt meneer de Leeuw een dvd van een tv-uitzending over Shinto (NCRV Spiritus, oktober 2004) en een mythologisch verhaal uit de Shintotraditie over de terugkeer van de Kami van de zon, Amaterasu, nadat ze zich had teruggetrokken in een grot. Het is een echt midwinterverhaal, dat in de periode voor kerstmis een verband kan leggen met westerse rituelen als het in huis halen van een groene boom en het afsteken van vuurwerk.
'Er kwam een man die in Japan geboren is en nu in Amsterdam woont en hij had een film bij zich'
In een gezamenlijke hvo/gvo-les praten we met de leerlingen over Japan. Veel Japanners zijn Boeddhist én volgen de Shintorituelen.
We laten een boek met plaatjes rond gaan en Roel, die altijd alles precies wil weten, wil uitleg hebben over de Japanse vlag. Iris vindt het maar ingewikkeld. Misschien is het tijd voor het filmpje.
We zien een Nederlandse jonge man, pelgrim Pim genaamd, de Shintoruimte bezoeken en deelnemen aan de rituelen. Shinto is de kunst van het schoonmaken. Eerst jezelf reinigen, te beginnen met handen wassen en dan de gebedsruimte dweilen. "Je denkt toch zeker niet dat ik volgende week ga dweilen hè?" Grote verontwaardiging onder de leerlingen. Tja, wat er volgende week tijdens het bezoek van de Shintomeester van ons gevraagd wordt, dat moeten we maar afwachten.
Merel en Jade draaien op de gang giechelend om mij heen. "Is de Shintoman er al?" Ja, de Shintoman is gearriveerd. "Is hij aardig?" Heel aardig. "Is het wat voor je?" Yoesuf gaat op zijn eigen manier met de feiten om. "Nee gek, ze is al getrouwd." Toch sluit de vraag van Merel aan bij hoe ik me voel op dat moment: een beetje opgewonden. Zal de Shintomeester aansluiting kunnen vinden met de leerlingen? Dat lukt dankzij de PowerPointpresentatie, maar vooral door de rust en de eenvoud die de gastspreker uitstraalt.

De leerlingen proberen goede gastheren en -vrouwen te zijn door te luisteren, veel vragen te stellen en door wat ze horen en zien niet direct te hoeven begrijpen of te ‘geloven’.
We mogen oefenen in het buigen op zijn Japans en in het handenklappen volgens een bepaald ritme. Klap hard voor de hemel, klap voor de aarde en klap stil voor jezelf.
We zien het Japanse teken voor ‘ziel’ en voor ‘mens’. "En het Nederlandse teken voor mens is het hvo-poppetje", hoor ik fluisteren. Er zijn voor een hvo-leraar niet elke week sterretjes, maar deze les is er vol mee.
De tijd is veel te kort.
"Hoe dansen de Kami nou om de zon terug te lokken? En hoeveel Kami zijn er eigenlijk? In het verhaal staat acht miljoen en net zei u…"
Meneer de Leeuw: "Leg je niet zo vast op cijfers". Dat is een nadenkertje voor kinderen in de basisschoolleeftijd. Dat dit advies niet zo een-twee-drie opgevolgd kan worden, blijkt uit de allerlaatste prangende vraag van Maarten: "Hoe oud bent u?"
'Hij heet Shintomeester, hij komt weleens op TV en hij is de enige in de wereld'
Maandag 12 januari staat er in het dagblad Trouw een interview met Shintomeester Paul de Leeuw. Naar aanleiding daarvan praten we nog een keertje na over Shinto. Vorige week hebben de leerlingen puntsgewijs alles opgeschreven wat ze zich herinnerden van de gastles en zonder censuur lucht mogen geven aan hun indrukken.
Vandaag praten we over de relatie van Japanners met hun voorouders. Voor moderne kinderen die vaak etaleren dat de wereld bij hen is begonnen, is dat een vreemd gegeven.
In het interview komt een man naar voren die zich jarenlang in zichzelf terug trok. Een verklaring is dat hij boete deed voor wat zijn grootmoeder fout zou hebben gedaan. Naar onze gewoonten zou zo’n man als ziek worden gezien en medicijnen krijgen om hem snel weer beter te maken.
In de klas wordt vaak strijd geleverd over het oprapen van een prop papier.
"Ik heb die rommel niet gemaakt!" Laat staan dat je schuld van je grootmoeder op je neemt.
In het interview zegt de Shintomeester: "Als het gaat om wie er gelijk heeft, dan is er geen brug mogelijk."
Kunnen we een brug slaan tussen elkaar, nu op dit moment? Viviën steekt haar hand uit. Mijn hart slaat over van emotie. Zo eenvoudig kan het soms zijn.
Heleen Blaazer
januari 2007
Twee boeken die een kijkje geven in de Japanse cultuur:
- De geest op het dak, door Akiko Sueyoshi. Een spannend, sprookjesachtig boek voor kinderen vanaf 11 jaar.
- Fuji-San, door Sara Backer. Een roman voor volwassenen.