|
Hoewel zijn partijgenote minister Van der Hoeven de motie krachtig ontraadde, werd die op 17 oktober met een overgrote kamermeerderheid aangenomen, waardoor de minister tot uitvoering ervan zal moeten overgaan. De organisaties, die op 2 oktober nog een brandbrief over kwaliteitseisen en bekostiging van dit onderwijs aan minister en Kamer stuurden, zijn ingenomen met de motie. Naast dat dit een kwaliteitsslag voor dit onderwijs betekent via de bekwaamheidseisen van de wet BiO (Beroepen in het Onderwijs), is er nu voor het eerst uitzicht op een normale rechtspositie van de gvo-/hvo-leraren.
De komende maanden zal in overleg met het Ministerie van Onderwijs gewerkt worden aan het genoemde voorstel. De Minister zal dit voorstel vervolgens voorleggen aan de Tweede Kamer, die hierover dan een besluit moet nemen. Dan ook moet komen vast te staan of de Tweede Kamer inderdaad de financiële consequenties wil trekken van de nu door haar ingediende motie.
* De voor het godsdienstig en humanistisch vormingsonderwijs samenwerkende organisaties zijn: het CIO (Interkerkelijk Contact in Overheidszaken), de Stichting HVO (Humanistisch Vormingsonderwijs), de LVHVO (Landelijke Vereniging Humanistisch Vormingsonderwijs) de stichting IKOS (Interkerkelijk Overleg in Schoolzaken), de PKN (Protestantse Kerk in Nederland), de RKK (Rooms Katholieke kerk), de NKSR (Nederlandse Katholieke Schoolraad), de ISBO (Islamitische Scholen Besturen Organisatie), het CMO (Contactorgaan Moslims en Overheid), het CBOO (Contactcentrum Bevordering Openbaar Onderwijs), de VOS/ABB (Vereniging voor Openbare en algemeen toegankelijke Scholen), de VOO (Vereniging voor Openbaar Onderwijs), de VBS (Vereniging Bijzondere Scholen)/de NABS (Nederlandse Algemeen Bijzondere Schoolraad), de AOb (Algemene Onderwijsbond), de OCNV (Onderwijsbond CNV), het NIK (Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap), de Hindoe Raad Nederland en de Besturenraad. |
klik hier voor de tekst van de motie van Jan de Vries
|